actually it is only one drink to get me loaded, trouble is I can't remember if it's the thirteenth or the fourteenth
- George Burns
We mogen dan wel in theorie business vliegen maar de praktijk is toch iets anders dan wat ik gewend ben. De twee schurftige reizigers krijgen een neerbuigende blik van hun medepassagiers en als blijkt dat ze nogal zot zijn van de gratis bubbly worden hun alcoholconsumptie privileges snel ingetrokken. De uitdrukking 'Al draagt een aap een gouden ring..' is hier weeral duidelijk van toepassing. Misschien toch hoog tijd dat ik eens een t-shirt zonder gaten koop en mijn sandalen, die juist hun derde schoenmakersbeurt hebben gehad, vervang door nieuwe stappers.. bof.. daar dit waarschijnlijk de enigste keer is dat we in zulke luxe vliegen zullen we het maar zo laten zeker.
Ceilao tijdens de Portugezen, Ceylaan tijdens de Hollanders, Ceylan tijdens de Fransen, Ceylon tijdens de Britten en Sri Lanka sinds de onafhankelijkheid. Benieuwd of dit 'serendipity' de beloftes uit de toeristenfolders kan waarmaken.
Het feit dat we als eerste van de vlieger mochten en naar de terminal gaan, mag wel positief genoemd worden, deze keer geen uur aanschuiven vooraleer we onze stempels in ontvangst kunnen nemen. Nog een flesje 'Cutty Sark' om de bar aan te vullen, onze rugzak van de band halen, elke mogelijke folder van de toeristische dienst opvragen, wat touts wegjagen en we staan buiten in de Srilankese zon.
De militaire aanwezigheid valt direkt op, maar dat vinden we eerder goed dan slecht: nu is het immers makkelijker om de weg te vragen. Op een bepaald moment staan we bij een militair die ons een hele omweg probeert uit te leggen om bij het busstation te geraken omdat we officieel niet door zijn checkpost mogen. Als blijkt dat hij hier niet in slaagt geeft hij het op en laat ons gauw door.. Toffe mannen.
Op de bus bedenk ik bij mezelf hoe erg je Colombo wel kunt vergelijken met Amerika in de jaren '50: de vrouwen met de rok juist onder de knie, de mannen die galant hun plaats afstaan op de bus aan ouderlingen en dames en overal de reklame voor consumptiegoederen. De rest van de reis zal ons leren dat die vergelijking nog meer waarheid bevat. Waar we ook zullen komen, de moderne Srilankees denkt maar aan één ding: geld, en hoe er zo makkelijk mogelijk aan te komen. Dat maakt ons toeristen dus spijtig genoeg het slachtoffer bij uitstek.
In een uurtje bollen we naar Colombo, de hoofdstad van het eiland, en zodra we in het fort area zijn zoeken we de toeristische dienst op in de hoop dat deze ons nog wat folders kan geven over het land. Spijtig genoeg is dit weeral een front voor een organisatie die tours in het binnenland verkoopt. Het enige dat we te weten komen is dat er geen Fort meer te bezoeken valt in de 'fort' area. Als we dan voorstellen dat ze de naam misschien beter veranderen in 'once-there-was-a-fort area' zijn ze niet geamuseerd.
We vinden een kamer in de Y.M.C.A. (gekend van de gelijknamige hit van de 'Village People') en bestuderen de volgende twee uur het beetje informatie dat we aangaande Sri Lanka bij elkaar hebben gescharreld. Veel nuttigs over Colombo is er niet bij, dus we vinden er dan ook niets beter op dan een rickshaw chauffeur zijn goesting te laten doen en ons een rondrit te geven.
De eerste stop is een Hindu tempel. In zuiden van Indië en in Sri Lanka zijn dit kunstig gesculpteerde en geschilderde bouwwerken, altijd wel goed om even met open mond naar te staren. Aan de ingang zit de onvermijdelijke slangenbezweerder die wel wil poseren met zijn reptielen voor een dollar de foto. Hier gaan we niet op in, als ik de mensen thuis iets angstaanjagend wil tonen dan zal ik mijn bloot gat wel trekken.. dat kost niets.
Dan rijden we naar de Lake Tempel. Dit Boeddistisch complex is een oase van rust in een groot meer in het midden van de stad. Een zeldzaamheid in Colombo. De volgende stop is een rijke bouddha tempel waar ze het voorbeeld van de tempel van de tand in Kandy opvolgen en een botsplinter van Bouddha ten toon hebben. Dit legt hen geen windeieren. Schaamteloos tonen ze een brandkast vol gouden bouddha's, edelstenen en ivoor, met daarnaast een spiksplinternieuwe SLK van de hoofdpriester. Het mag dan wel een andere godsdienst en ander land zijn, maar de flair en boertigheid waarmee met de rijkdom gepronkt wordt doet me direkt denken aan het Vaticaanmuseum!
Sri Lanka heeft raar genoeg ook een Wit Huis. Deze kleinere versie van zijn grote broer in Washington wordt gebruikt als gemeentehuis. Na een uurtje besluit dit de toer en worden we terug gedropt aan de dijk.
Een persoon op de thorntree beweerde dat ge hier ofwel voor een vijf sterren of voor een geen sterren behandeling betaald en we gaan hier al snel mee akkoord. De goedkopere plaatsen zijn iets meer verstopt en ge moet er moeite doen om de 'locale' prijs aangerekend te krijgen. Ze zijn de toeristen hier duidelijk al goed gewoon en verwachten dat ge vijf keer meer betaald dan de Srilankees die samen met u is binnengekomen en hetzelfde heeft genomen. Geen wonder dat we de komende tien dagen zo weinig backpackers zullen tegenkomen.
Na de zonsondergang blijven we nog een hele tijd op de dijk rondhangen terwijl we ons laten verleiden door de vele lekkernijen die de vele verkopers ons onder de neus stoppen.
De buurt waar we slapen lijkt wel uitgestorven en we moeten goed zoeken voor we het gebouw terugvinden. Nog wat plannen maken voor de komende tien dagen en dan lichten uit
Die ochtend is het al vroeg uit de veren. De trein naar Kandy vertrekt om 7 uur en het landschap zou adembenemend moeten zijn dus laten we ons overtuigen om in de wagon met observatieplatform te reizen. We hadden het beter zo gelaten. Het gemis aan slaap doet zich gelden en we knorren het grootste deel van onze rit naar boven.
Zodra we uit de trein komen is het weeral vechten om door een hoop touts die ons alles van een rickshaw rondrit tot goedkope hotelkamers beloven, te geraken. Uiteindelijk geven we toch ons vertrouwen aan 'teacher'. Deze oudere man met verweerd gebit maar vriendelijke lach is een leraar engels op pensioen. Hij helpt ons bij het reserveren van een kamer voor als we terug komen van onze trip in het binnenland en loopt de rest van de dag met ons mee terwijl hij honderduit verteld over de culturele, politieke en economische toestand in zijn land. Hoewel we onderweg wel stoppen in edelsteen- en batikwinkels zal hij nooit proberen te pushen in een verkoop. Op het einde wandelt hij zelfs mee naar de top van een heuvel waar je samen met een reuzenbouddha kunt neerkijken op Kandy.
Met zijn hulp vinden we de juiste bus naar Pollanaruwa en voor we vertrekken stopt hij ons nog snel wat fruit toe. 'Voor onderweg' zegt hij.. 'long drive'. De volgende vijf uur worden inderdaad op de bus gespendeerd en ik bedenk hoe correct Hemingway was toen hij zei: 'reizen verbreed niet noodzakelijk de geest, maar zeker het achterste'.
Het is al aan het schemeren als we in Pollanaruwa aankomen en terwijl ik nog een paar fotootjes maak van de zonsondergang over de ondergelopen omgeving kiest Cindy een hotel uit. De kakkerlakken op de kamer zijn deze keer zo groot dat we vinden dat ze ook maar een deel van de hotelkamerkosten moeten dragen. Als we er echter over stemmen vindt de overgrote meerderheid (een drietal kakkerlak families waren unaniem) dat dit niet nodig is. Weeral iets extra waar we voor moeten uitkijken als we een kamer zoeken...
De hotelbaas kan ons die nacht geen muskietennet bezorgen, dus komt hij ons een muggenspiraal brengen. Ik moet zeggen dat wij wel achterovervielen van de geur maar de muggen er blijkbaar geen last van hadden want we stonden de volgende morgen weeral vol boebels. Blijkbaar hebben de eigenaars van ons hotelletje toch precies ne klap van de molen gekregen...als we een kaart van de stad vragen en na een kwartier op de deur wordt geklopt, staat de manager er met een enorme kader met de kaart van Sri Lanka achter glas en een grote glimlach op zijn gezicht. Close but no cigar.
Op onze wandeling door het dorpje merken we dat het ongedierte niet beperkt blijft tot de kamer: salamanders, kikkers, spinnen en een grote varieteit stekende en bijtende insekten. Zelfs het gerecht met kip dat we met lange tanden oplepelen bevatte volgens mij meer zes-potig vlees dan twee-potig vlees. bweek. maarja.. kalorieën zijn kalorieën he..
Terug op de kamer is het grappig om Cindy bezig te zien terwijl ze de muur afloopt en ongedierte doodklopt, ondertussen dingen mompelend zoals 'vies beest', 'ander vies beest', 'klein beest'. 'wow, da was een groot beest'.'dik beest, amaai jong.. das iet vettig' (deze had drie kloppen met de sleffer nodig voor alle onderdelen stopten met bewegen).. Gelukkig waren we zo moe dat we als een blok in slaap vielen en 's nachts niet teveel gefriemel voelden.
Het is nog geen zeven uur als we wakker schrikken van een gerommel op het dak. Dit is nu toch geen uur om beginnen met verbouwingswerken als ge gasten hebt. Ik stap naar buiten om de patron eens goed mijn gedacht te zeggen maar merk al snel dat hij niet de boosdoener is. Een legertje apen is een klein oorlogje aan het voeren op het dak. Dan maar de oordopjes insteken en proberen nog een paar uurtjes te knorren.
Na een paar fietsen en een inkomticket aangeschaft te hebben zijn we klaar voor ons eerste punt van de archeologische driehoek van Sri Lanka. Vooral de Big-ass stupa maakt veel indruk op ons en doet me denken hoe erg ik die chocolade negerinnetetten wel mis.. De rest van de site gedraagt zich zoals een verzameling ruines zich moet gedragen en ziet er oud en vervallen uit. Ondertussen gedragen wij ons zoals toeristen zich niet moeten gedragen en worden drie keer uit tempels gefloten als we weeral met onze sleffers aan binnenstormen. Maar als verdediging kunnen we aanvoeren dat een half meterje muur ons niet kan zeggen of het nu ooit een tempel of een wc was.
Die dag zien we ook DE drie boeddha's (staand, zittend en knorrend) die uit een rots zijn gehouwen. Deze beelden komen voor in ongeveer elke brochure van Sri Lanka, maar maken op dat moment op ons al geen bijster veel indruk meer. Mega-Bouddha's met hopen in Sri Lanka.
Als ge ooit aan een wereldreis wilt beginnen om Engels te leren spreken of te verbeteren vrees ik dat ge waarschijnlijk met rioolpijp Engels naar huis komt. We betrapten ons de laatste tijd erop dat we meer en meer zoals de locals begonnen te spreken en als we vandaag extra aandacht aan ons taalgebruik besteden merken we dat in plaats van de simpele vraag 'Is it always so hot?' we al zijn afgegleden naar 'everyday so hot?'.. nog even en we spreken zoals de autochtonen: 'everyday too much hot?'. Andere mooie voorbeelden van dit typische Inglisch (Indisch-Engels zijn)
  • pifty : vijftien
  • pifty : vijftig
  • rail-a-way station : treinstation ('railway station' hebben ze nooit verstaan)
  • busse stand : busstation
  • a-straight: rechtdoor
In de namiddag nemen we de bus naar Anuradhapura. De drie uur durende trip wordt begeleid door de laatste trend in Sri Lanka: charmezangers. Ik frustreer me dood terwijl we de locale Will Ferdy horen kelen. Dit soort busreizen zijn meer weggelegd voor de Fons van de badminton vrees ik.
Het gemis aan een reisgids doet zich weeral gelden als we het busstation, treinstation en de ingang van het tempelcomplex aflopen en nog altijd geen hotel hebben gevonden. Het is pas nadat we een Duitser met een kaart tegen het lijf lopen dat we eindelijk een rustplaats voor de nacht vinden.
Een hard bed, luidruchtige ventilator en een verbrande nek zorgen dat ik bijna geen slaap heb die nacht. Als ik dan moet kiezen tussen nog een paar uurtjes slapen of tempels bezoeken kies ik voor optie nummer één. Cindy zit echter vol energie (haar snurken was reden nummer vier voor mijn slechte nachtrust) en nadat ze een dubbele laag zonnecrème heeft opgespoten (hebben gisteren onze les wel geleerd) vertrekt ze naar de site.
Het enige dat ik die morgen mis is de grootste stupa van Sri Lanka en een dolle verkleedpartij. Als Cindy de stupa wil bezoeken, staan de vrouwen aan de ingang al met hun handen in de lucht.. Je kan daar toch niet binnen met blote knieën zeker.. dat zou pas erg zijn. Ze wordt dus verwezen naar een kantoortje aan de zijkant waar een ouder mannetje haar een laken geeft dat ze rond haar middel kan binden. Als ze dan de tempel wil betreden gaat er weer een gejammer uit van de groep vrouwen.. Ze heeft haar haardoekje nog op. Dat gaan de goden nooit appreciëren... Hoofddoekje af en nogmaals proberen.. hela, hela.. uw sandalen.. enkel blootvoets mag je de tempel binnen. Na het laken, hoofddoek en sandalen gaat Cindy zich eerst maar eens laten inspecteren door de vrouwen. Deze kunnen nu niets meer vinden dat de goden tegen het hoofd zou stoten en dus mag ze binnen.
De rest van de voormiddag trapt het arme meisje de ziel uit haar lijf: de zaken waard om te bezoeken liggen allemaal rond de stad en er zullen flink wat kilometers moeten afgelegd worden voor ze haar tempelhonger bevredigd heeft.
In de namiddag nemen we de bus naar Dambulla (natuurlijk weeral begeleid door 'veertien billekes' muziek), vanaf hier is het met de tuktuk naar Sigeriya, een paleis op een loodrechte rots. De vermoeiende klim naar boven wordt halverwege even onderbroken om naar fresco's van topless vrouwen te kijken. Hier blijven we wel even rusten. Hoe hoger we komen hoe smaller de trapjes en hoe meer medewerkers op de trapjes staan om de mensen omhoog te praten. Dit zal waarschijnlijk goedkoper zijn dan grote trappen tot aan de top aan te leggen.
Het zicht is fabelachtig en het paleis teleurstellend.. niet erg, ik ga nog wel eens terug naar die fresco's kijken terwijl Cindy wat pano's maakt.
Misschien hebben we vandaag wel wat teveel hooi op onze vork genomen want de laatste directe bus naar Kandy is al weg. De rest van de avond moeten we met lokale bussen van het ene naar het andere dorpje rijden en het is al na de tienen als we in Kandy arriveren
Verrassing, verrassing. Het resthouse dat we voor één keer eens op voorhand geboekt hadden zit al vol. Beter één toerist in de kamer dan 10 die nog aan het rondreizen zijn moet de bazin gedacht hebben. Gelukkig wijst ze ons niet de deur maar vind ons een goede kamer bij een bevriende hotelbaas. Als we daar aankomen zit de eetzaal vol mannen die een film aan het kijken zijn en als de acteurs hun kleren in het rond beginnen te gooien wordt mijn aandacht gauw afgeleid. Ook de slaapplaats, met zijn bizar licht en 'inspirerende' foto's, doet vermoeden dat de kamers hier meer per uur dan per nacht worden geboekt. Hopelijk zijn de muren dik genoeg. Wij zijn al getrouwd..
Kandy en de olifantencrèche worden meestal in één adem vermeld, maar liggen toch nog een drie uur schudden en botsen van elkaar. Als we in ...arriveren zijn de olifanten juist in bad. Een zestig-tal loebassen worden één voor één afgeschrobt en zodra het gedaan is gaan ze zich weeral vol met zand strooien.
Het zicht dat de kolossen bieden terwijl ze door de vlakte dwalen doet onvermijdelijk denken aan Jurassic park. Cindy is voornamelijk onder de indruk van een olifant die zonder schaamte zijn tweede slurf laat groeien. Terwijl ze gefascineerd toekijkt maakt ze opmerkingen zoals 'kijk hij is nu nog groter', 'wow, dat moet zeer doen' en 'kga nog een fotootje trekken'. Ondertussen moet ik denken aan wat de olifant vroeg aan de naakte man: "kan je daar ook iets mee oppakken?"
Het is al snel tijd om de babyolifantjes hun fles te zien krijgen. De kleinste van de hoop heeft het duidelijk voor Cindy want ze knuffelen maar raak. Het olifantje zijn slurf zit echter op plaatsen waar ik iedere andere inwoner van het eiland met een goei kroket op zijn gezicht voor zou belonen. Ik begin al even te denken dat het een Sri Lankees in vermomming is, maar als ik hem een twee-literfles in een second of drie zie leegsloeberen moet ik wel bekennen dat het waarschijnlijk een echte is.
Terug in Kandy voorzien we ons van goed veel smoster en gaan terug naar de kamer om nog wat aan de website te werken, te eten en de salamanders, die als rubberen speelgoedbeestjes tegen de muur plakken, weg te jagen.
Die avond is er nog even ambras met de hond des huizes (een goed in het vlees zittende tekkel met een slecht karakter), blijkt dat hij meestal op de mat in onze kamer slaapt en het verder helemaal niet kan hebben dat de mensen hun sausiccen uit zijn bord eten. Verdikke.
Goed bier tegen dumpingprijzen en een excellent ontbijt overtuigen ons dat LP gelijk heeft als ze zeggen dat dit waarschijnlijk het beste guesthouse is in SL (Tony wheeler en zijn vrouw waren een van de eerste gasten in '81). We hebben beiden geen goesting om al aan het strand te gaan bakken dus boeken nog een nachtje extra.
We verrichten goed werk aan de website en houden ons de rest van de dag bezig met reisgidsen over Sri Lanka te lezen, die we in de bibliotheek van het guesthouse hebben gevonden, terwijl we genieten van een ijskoude Lion op het binnenpleintje. Zalig..
Het luieren valt Cindy zo goed mee dat ik de Bouddha tempel van de tand alleen bezoek. Toen Bouddha insliep en dit aardse leven verliet, werd hij verast en verstrooid, Eén hoektand bleef echter bewaard, en het is dit relikwie dat onderwerp is van devote aanbidding. Op het eerste verdiep vind je een allegaartje van mensen die komen en gaan. Sommigen blijven vijf minuten zitten voor het heiligdom, anderen een halve dag onderwijl prevelend en biddend. Dit gemurmel stijgt en daalt en lijkt een eigen leven te leiden. Ik ben onder de indruk van de devote sfeer.. Na een uurtje kan ik mij eindelijk losrukken en dwaal nog een tijdje rond in de oude stad om het geprevel uit mijn hoofd te krijgen.
The true traveler is he who goes on foot, and even then, he sits down a lot of the time.
- Colette (1944)
Op straat ontmoet ik Tom, ge weet wel de Koreaanse Canadees (of Canadese Koreaan) uit Amritsar (het is de meest linkse!). Nog steeds op zoek naar verlichting gaat hij nu een kursus acupunctuur volgen in Colombo.
Daar het vandaag aan mij is om voor de catering te zorgen, wordt een halve kilo rauwe kippenworsten, cakes en gebakjes en een zak KFC met nog twee flessen Lion ingekocht. Dit wordt goed ontvangen door de spousal unit en lekker verorberd terwijl we uitkijken over het meer naar de tempel. Spijtig dat we niet meer tijd hebben om langer rond te hangen in dit mooie stadje.
Nog even onze vlucht voor donderdag bevestigen en wat nieuwe foto's opsturen naar onze website admin (een 128 Kbit leased lijn is hier een zeldzaamheid, dus als ge zoveel bandbreedte vindt, gebruikt ge ze beter). Vier minuten voor de trein vertrekt staan we buiten adem in het station.
De grote kinderhit 'in een klein stationnetje' heeft duidelijk zijn wortels in Sri Lanka. We zitten verdomme zeven uur op het bergtreintje en staan meer stil in die kleine stationnetjes dan we rijden. Het is dan al na vier uur als we eindelijk in Bandarawella aankomen en kunnen beginnen wandelen richting Ella.
Dit idee hadden we opgepikt van een bericht op de thorntree. De persoon in kwestie noemde dit een van zijn beste ervaringen in Sri Lanka en wij waren natuurlijk benieuwd wat we zouden vinden 'off the beaten track'.
Tijdens de wandeling kunnen we voor de eerste keer de oprechte vriendelijkheid proeven van de mensen. Overal waar we doorkomen worden we nageroepen en toegewuifd. Langs deze weg zijn duidelijk nog niet teveel toeristen gepasseerd.
De mannen die we tegenkomen hebben allemaal zonder uitzondering rode lippen (en een goed stuk in hunne frak, maar daar wil ik nu niet over beginnen). Dit komt door de beetelnut, een keiharde vrucht die hier enthousiast gekauwd wordt en ervoor zorgt dat de meeste ouderlingen met een mond, waarvan de tanden precies een ardennenoffensief hebben meegemaakt, rondlopen.. en ik altijd maar denken dat 'beetlenut' op mijn schoonvader sloeg.
Het is al donker als we in Ella aankomen en het enige hotel in zicht is niet echt geneigd om ons een kamer te geven voor de normale prijs. We krijgen dingen te horen zoals: 'nog drie kilometer naar het volgende hotel', 'many dogs that bite' om verdere opzoekingen op te geven. Met een steen in de linkerhand en een koekje in de andere hand wandelen we dan toch het smalle weggetje naar beneden. Nog geen tweehonderd meter verder draait de weg en zien we een hele reeks resthouses die ons maar al te graag de vertrouwde prijs aanrekenen. Ge kunt die Srilankezen ook van geen kanten vertrouwen!
In de nacht moesten we beslissen tussen de drukkende warmte of een luidruchtige ventilator. We veranderen een paar keer van besluit, maar slapen uiteindelijk bijna niet. Het rode kruis zal dit jaar ook naar mijn halve liter bloed kunnen fluiten (sorry Ivo) daar de muggen van Ella er al mee zijn gaan lopen.
Als we de bus naar de vallei nemen komen we tot het besluit dat de eerste vijf kilometer van de rit, tot aan de Nurawana watervallen een veel mooiere wandeling zou zijn geweest dan wat we de dag ervoor hebben afgelegd..daar kun je dan nog altijd op de bus springen... spijtig
Eénmaal beneden is het nog een vijf uurtjes schokken en bonzen voor we in Madara aankomen. Hier zetten we ons even opzij om wat op adem te komen. Het scheelt niet veel of een paar touts hebben ons bij onzen tisch. Ze willen ons graag een kamer verhuren een paar kilometer verder en beloven dat het beter zal zijn dan onze originele plannen. Cindy ruikt echter onraad en we blijven bij het originele plan wat inhoudt dat we nog een uurtje zullen bussen naar Unawathuna. Een stuk strand met een hele rits goedkope hotels. We worden echter vergeten door de chauffeur en voor we het weten zijn we al in Galle, een tiental km. verder.. No problem, blijven we hier wel slapen en bezoeken we het oude fort vandaag. Ge moet flexibel zijn als ge reist.
In de Hollandse fort wijk vergt het heel wat verbeelding om nog een vluigje koloniale sfeer op te snuiven. Alle oudere gebouwen zijn bouwvallen en het 'New Oriental' hotel staat lachwekkend scheef en is in ermbarmelijke staat. Toch lijkt het het effect van vliegenpapier te hebben op de toeristen want heel de veranda zit vol met buitenlanders die zuinig van hun overprijsde biertjes sippen. Fudge that! We zoeken ons een wijnstore op en slagen een paar 625 ml flessen Lion in voor een halve euro.
We zijn het erover eens dat we die avond onze beste maaltijd tijdens ons verblijf in Sri Lanka eten. De kip biriyani (kip met rijst) en egg rotty (omelet, samen met brood in stukjes gesneden) komen serieus onze oren uit en dus proberen we het Chinese Globe restaurant. Een chinees restaurant heeft altijd twee goeie kwaliteiten: het is een beetje zoals de McDonalds: waar ter wereld ge ook een 'zoetzuur varkensvlees' of 'Bami Goreng' besteld, ge krijgt altijd dezelfde lekkere gerechten. Het tweede voordeel is dat het de McDonalds niet is. Als we ons enthousiasme met de eigenaar delen krijgen we nog een paar fijn afgewerkte bamboo chopsticks cadeau.
De beet die me al de hele avond ambeteerde op mijn rug bleek een haakworm te zijn die zich al halverwege naar binnen had gewerkt. Met behulp van de Leatherman halen we het wriemelende kereltje er terug uit. Volledig hopen we. Ik weet niet of het een goed of slecht teken is om een vrouwtje te hebben die het wel plezant vindt om met een mes in je rug te peuteren.
Sri Lanka is niet het snorkelparadijs zoals we gehoopt hadden. Al het koraal is deskundig afgemaakt door vijftien jaar toerisme en de paar vissen die ge ziet lijken ook niet goed te weten wat ze daar eigelijk komen doen. Tijdens de twee uurtjes strand en zee, worden we onophoudelijk lastig gevallen door mannen die ons een rit met de glasboot willen verkopen. Die mannen gunnen we echter niets: 1) zij zijn de hoofdreden voor de ermbarmelijke staat van het koraal en 2) ze hebben geen oog voor snorkelaars, in tegendeel.. als er veel snorkelaars ronddobberen zullen er ook wel vissen zijn zekers! en zo een snorkelaar die voorbij spartelt onder het glas is ook een goed zicht!
Het 'Red Lobster' restaurant heeft natuurlijk geen kreeft in huis, maar naar eigen zeggen zou hun krabsoep niet te versmaden zijn. Spijtig genoeg doen ze niet de moeite om het beestje van zijn schelp te ontdoen dus hebben de katten meer genot van de maaltijd dan wij.
Als we terug in Colombo arriveren zien we onze trein naar de luchthaven juist de bocht omrijden.. geen probleem we nemen de volgende wel. Volgens de informatie is die daar om 6:20 op spoor drie of vier. En de man van de inlichtingen deelt nog snel mee dat hij hogere verwachtingen heeft van spoor vier. Volgens Yanko, een sloveen die ook die richting uit moet, zou de trein echter op spoor twee vertrekken om 6.20. Great, denk ik.. zijn we tenminste al redelijk zeker over de tijd dat de trein vertrekt. Om tien voor zeven rijdt onze trein binnen op spoor vijf.
Deze plotselinge ontwikkeling zorgt er ook voor dat we niet meer op de eerste plaats in de overmijdelijke race staan om een plaatsje in de naar gewoonte overvolle trein te verovereren, maar dat we ons over de loopbrug moeten haasten om eerst onze zakken en dan onze lichamen bij op de trein te proppen. Het volgende halfuur hang ik aan de deur en alhoewel Cindy maar een meterje verder in het WC gepropt staat (ik heb eigelijk de betere plaats!) kom ik dat alleen te weten door af en toe eens te roepen. Een tiental stationnetjes verder begint de druk wat te minderen en kunnen we zowaar in de coupé gaan staan. Een talent dat ge zeker ontwikkelt op dit soort reizen is een ongeloofelijke resistentie tegen reisziekte. In mijn jeugd werd de zondagse rit van Sint-Niklaas naar Sint-Katelijne-Waver en terug meestal onderbroken om eens goed te puken door ondergetekende. Na negen maand op de baan is het geen probleem meer om rechtstaand in een schokkende trein een goed boek te lezen. Op deze trip lees ik Vannacht is de wereld gek geworden van Karel Glastra Van Loon. Een goed vertelde bundel reisverhalen met toch iets meer fictie dan feiten.. maar het is éénmaal zo dat de beste reisauteurs de beste leugenaars zijn hé.. De trein doet er twee keer zo lang over dan de bus, maar uiteindelijk duiden onze medepassagiers toch aan dat we aan het station van de luchthaven zijn aangekomen. Het feit dat het nog anderhalve kilometer wandelen is ontgaat hen wel even.
Terwijl we naar de luchthaven wandelen kijken we toch uit naar accommodatie. Het is immers maar een lijntje in de lonely planet dat ons doet vermoeden dat ze op de luchthaven ook kamers zouden verhuren. Als Cindy in het hotel Oriental Pearl eens gaat horen wat een nachtje slapen moet kosten merk ik op dat er nergens kapotte lampen zijn. Een slecht teken. Mijn voorgevoel wordt bevestigd als ik haar resoluut zie buitenstappen en met haar hand een beweging maakt alsof ze vlak naast haar hoofd naar lucht grijpt richting receptie. Het zal wel veel te duur zijn geweest.
Bij de controlepost aan de luchthaven lijkt het even dat er problemen zijn.
I took a walk around the world to ease my troubled mind. I left my body lying somewhere in the sands of time. I watched the world float to the dark side of the moon. I feel there is nothing I can do.
kryptonite - three doors down
De drie militairen bestuderen het paspoort voor vijf minuten met ernstig gezicht en een diepe frons. Als ze daarna echter vragen beginnen te stellen zoals 'what's your name' en 'where are you from' is het al snel duidelijk dat ze geen jota engels kunnen lezen en ons proberen te intimideren om een pen los te krijgen... wat door het absoluut gebrek aan pennen (ik hoop dat ik onderweg die persoon eens tegenkom die hier overal pennen ligt uit te delen, we verdenken dat het een vertegenwoordiger van 'BIC' is) niet lukt natuurlijk.
De kamers op de luchthaven zijn gelukkig beschikbaar, zij het dan tegen het dubbele van de verwachte prijs. Het wordt bij lange onze duurste nacht maar zeker ook onze beste. We hadden het al opgegeven om een nacht te slapen zonder te doneren aan de fantastische muggenpopulatie van het eiland, maar voor het eerst in een goeie week slapen we tot de wekker gaat..
Daar de luchthavens overal ter wereld ongeveer even efficiënt als saai zijn valt er die morgen verder niets te rapporteren en geraken we zonder problemen de lucht in terug naar Indië. We vallen in tweede klas minder op tussen de passagiers en eten terug uit plastieken pottekes.. wat we zeker niet erg vinden.