'Time is money'. Dat is de eerste indruk die we krijgen van onze taxichauffeur. We zijn in zijn vehicle gedropt door de Syrische grenspolitie. Hij staat zich konstant op te winden, ons mee te sleuren en voor te dringen aan de visum loketten totdat wij het dusdanig op ons seskes krijgen dat we hem vertellen dat hij of buiten wat gaat afkoelen, of andere klanten kan gaan zoeken. Dat was misschien niet het beste idee. Buiten pikt hij inderdaad nog een klant op die iets teveel op een zotte fanatiekeling lijkt en iets teveel in onze richting loenst, om u op uw gemak te voelen. Als er onderweg dan nog een hevige discussie uitbreekt tussen hem en de chauffeur, ben ik even bang dat de Intifada is uitgebroken. Cindy haar arabische kennis komt echter goed van pas en ze komt erachter dat dit gewoon een onenigheid over de prijs is.
Aan de grenspost pikken we nog een fles Bacardi op daar de bar op een all time low staat en het de komende maand volgens onze gids ook al gene vette zal zijn.
Terwijl de taxi ons naar Farah hotel in downtown brengt vangen we een eerste glimp op van Amman:

Europeanen die zich taxi's kunnen veroorloven, verblijven in de grote hotels op de top van de heuvels. Enkel de localen en backpackers vind je terug in de dieptes van de stad. De heuvels hebben bomen, nieuwe huizen, matglas, airco en een propere stilte waar de beter gegoeden zich kunnen terugtrekken terwijl ze neerkijken op hun stad, die zich ontrolt richting downtown, de vallei waar een zeer verschillend leven wordt geleid.
Downtown, waar je voor een paar franken kunt eten, sigaretten kopen voor een kwart van de Europese prijs van Iraakse vluchtelingen, die op de stoep zitten, die hun waren uitstallen op kartonnen dozen of op hun afgedragen jassen.
McDonalds, Pizza Hut bevinden zich veilig boven in de heuvels, hun clienteel, jonge, rijke arabieren die in het buitenland hebben gestudeerd, Versace dragen, Marlboro roken en ervan houden hun conversaties te peperen met een Amerikaans accent.
Downtown, lopen tengere Palestijnse jongetjes rond met houten kratten op hun hoofd, die volgestapeld zijn met brood en cakes. Oude Bedouine mannen verkopen koffie uit grote zilveren potten, vanuit een deurpost, leunend tegen hun kachel op wielen. In de cafes kronkelt de rook van de waterpijpen, buiten sist het vet in de pannen waar falafel wordt gebakken. Er wordt gemarchandeerd over tweedehands westerse kleding door mannen die zelf honderd variaties traditionele arabische kleding dragen, terwijl gesluierde vrouwen wanhopig door het verkeer wringen met hun armen vol babies. In downtown stopt nooit het lawaai van roepen, verkeersmuziek... en heeft niet de pretentie iets anders te zijn dan zichzelf.
- uit "Kingdom of the Filmstars: Journey into Jordan", door Annie Caulfield.

Ik had het niet beter kunnen zeggen...grijns..
One of the gladdest moments of human life, methinks, is the departure upon a distant journey into unknown lands. Shaking off with one mighty effort the fetters of habit, the leaden weight of routine, the cloak of many cares and the slavery of home, man feels once more happy.
- Sir Richard Burton
Op het dak vinden we Craig, een Ozzie die plannen heeft om een jaar te dwalen door Syrie, Jordanie en Egypte. Hij was hier al eerder en als je hem bezig hoort lijkt hij meer verliefd te zijn geworden op de locale keuken, dan op het land.. Hij snakt voornamelijk naar maglouba en we gaan dan graag mee om dit eens te proberen
Als we een restaurant aan het zoeken zijn biedt Amin zich aan als gids.. Hij is een Palestijnse vluchteling en zijn hobby is toeristen opvangen en rondleiden.. Als hij ons naar het Cairo restaurant brengt en het gezochte gerecht staat op het menu vinden wij het allang goed.
De Maglouba (of up-side-down voor de toeristen) vertoont volgens ons veel overeenkomsten met een rijstschotel met kip en we geven onze portie graag aan Craig, die het enthousiast binnenspeelt, in ruil voor nog een goeie schotel kofta natuurlijk.. Dan gaan we nog iets drinken in het etablissement tegenover de moskee, terwijl Amin ons verder vergast op een waterval van vragen. Terug op het hotel lees ik Love Hina (redelijke manga) nog uit.
In de morgend worden we er opnieuw pijnlijk aan herrinnerd dat warme douches geen evidentie zijn in het Midden Oosten. Als uw hotel dit niet met grote letters adverteert is de kans groot dat de warmwaterkraan op dezelfde leiding als de koudwaterkraan is aangesloten.
De rest van de voormiddag dwalen we door de stad en informeren naar mogelijkheden om in Jemen te geraken. De enige mogelijkheid die ons wordt aangeboden is vliegen.. Als we blijven aandringen kunnen ze zich toch vaag herinneren dat er ooit een toerist in geslaagd was om een transitvisum los te krijgen voor Saoudi Arabie. Morgen zullen we dan eens gaan horen op de ambassade. Verder slagen we nog wat fruit in. De vijgen hier zijn echt verslavend.. yum.
Maar het continue reizen van de afgelopen weken begint zijn tol te eisen en onze aandacht is verslapt. Als we ons in de namiddag even op bed leggen, vallen we als een blok in slaap. Om stipt 5 uur worden we wakker gebeld door onze gids die staat te popelen om ons de stad te laten zien.. Kalm jongen, we zijn hier op vakantie zulle.
Eerste stop is zijn postbus. Alhoewel we de toeristische waarde hiervan wel in twijfel trekken laten we ons toch meeleiden naar de volgende attractie: de citadel. De timing had niet beter kunnen zijn, de zon is juist zijn laatste stralen over de stad aan het gooien en we maken panorama's om u tegen te zeggen. We moeten hier wel splitsen van Amin omdat de locale gidsen de politie achter hem zouden durven sturen wegens broodroof.
Later in een café (waar halen ze toch het idee vandaan dat grote TL lampen een ideale sfeer scheppen voor een kop koffie, ik moet geen alcohol meer drinken om toch met koppijn en vlekken voor mijn ogen op te staan in de morgend) op de ... Hier blijkt dat Amin de meeste bevolkingsgroepen in Amman geen goed hart toedraagt.. Iraqi's, Egyptenaren en Jordaniers krijgen allemaal de omschrijving 'stupid' en alleen de Palestijnen en Europeanen zijn 'kool'.. Wij hebben na een tijdje racistische praat, waar zelfs de Filip nog iets van zou kunnen leren, het wel gehoord en nemen met een excuus afscheid van deze fruitcake.
Als vliegen het nationaal ongedierte van Turkije is en muggen het nationaal ongedierte van Syrie dan houden vlooien deze titel voor Jordanie. Ik heb de fout gemaakt mijn lakenzak niet te gebruiken en sta vol beten. Dat ik geen alleenstaand geval ben, zullen we de verdere reis leren.. Na een tijdje verbazen we andere reizigers als we blijk geven van speciale krachten en correct gokken dat zij in Farah hebben verbleven. Dit is niet moeilijk omdat de meeste mensen in dit deel van het Midden Oosten een vast traject volgen (al denken ze zelf dat ze vrij origineel zijn) en we zien de opengekrabde beten.
We hebben drie opties om in Jemen te geraken: overland via Saudi Arabie (wreed onwaarschijnlijk daar de Saudi's enkel visa's geven als Kerstmis en Pasen op dezelfde dag vallen.. ), over de zee aan boord van een vrachtschip (een mogelijkheid in Aqaba volgens een anonieme poster op thorntree) of via de lucht (overwegen we nog liever niet, zou een serieuze deuk maken in het budget). Wij dus naar de ambassade van de Saudi's.. daar is dergelijke aanvraag precies geen dagelijkse kost omdat we de komende twee uur van het kaske naar de muur worden gestuurd. Uiteindelijk vinden we een engels sprekende Saoudi.. en deze geeft ons "njet" op onze aanvraag.. Het is toch fijn dat als ge zoveel geld hebt waarmee ge een muur rond uw land kunt bouwen en het in de middeleeuwen kunt laten voortleven... zullen wel zien wie het laatst lacht als die oliedollars op zijn.. f***faces
Een andere dag, een ander amphitheater. Ik denk dat het amphitheater van Amman een zeven op tien verdient. Hoe die Romeinen nog tijd overhadden voor veroveringen met al die theaterbezoeken is mij een raadsel.
Als we de toeristische dienst nog even binnenstappen krijgen we te horen 'closed', als we dan vragen wanneer het terug open zal zijn, in de namiddag misschien?, krijgen we schouderophalend te horen 'maybe next month'
Mijn dag en humeur verbetert 100% als ik in ons hotel een gewoon europese toilet ontdek. Een squatter voor een dag is een ervaring, een squatter voor een week creëert toch een groot gat in je hygienische behoeften.
Vandaag bereiken we het absolute dieptepunt van onze trip. -382.60 meter om precies te zijn. De dode zee is de plaats waar de mannen van Baywatch geen werk zouden vinden en enkel maar langs het strand zouden kunnen joggen. Vier dinar vinden we wat overdreven om in het Dead Sea resort binnen te mogen, dus volgen we de locals en vinden ons eigen privé strandje met een riviertje om ons af te spoelen. De cafebaas komt ons zelfs uitleggen waar we de kostbare Dode Zee klei kunnen vinden en een gratis eersteklas kuur kunnen nemen. En ik moet zeggen (alhoewel ik het nog allemaal nonsens vind !!) dat mijn velleke toch wat zachter aanvoelde erna. Toen ik al dobberend halfweg richting Israel was (een grove overdrijving van de auteur daar het meer 20 km. breed was op het punt waar wij zaten, maar ge kent hem ondertussen al, hé) begon ineens vanalles te pikken. Het zoutgehalte van de Dode Zee (6x dat van de Noordzee) begon zwaar in te werken op mijn 'littekens van de dag' en dus begon ik zo snel mogelijk terug te peddelen naar de kust. Hier zag ik dat elk open wondje was dichtgebrand met een zoutlaagje. pikkepik.
Op de terugweg komt Cindy tot het ontstellende besluit dat als ge die mannen hier een vinger geeft, ze voor het hele (blote) been gaan. Snel maar weer die pijpen aanritsen.
Wat een Belg lijden kan. Als we het volgende lezen in de LP: 'Batata serves genuine French fries. Small 400 fils, jumbo 2JD, 100 Fils for special sauces' wordt een gevoelige snaar geraakt en beklimmen we een koppel heuvels met de schamele hoop ons geboorte(ge)recht nog eens tot ons te nemen. En het was het waard... alhoewel de frieten redelijk goed gezouten leken, maar dat zou ook nog wat residu kunnen zijn van onze trip naar de Dode Zee.
Na een lekker kebap- en fruitontbijt (nu weet ik tenminste waarom het honingmeloen wordt genoemd) gaan we op zoek naar de bus richting Petra. LP, hotelreceptie en taxichauffeurs kunnen maar niet overeenkomen welk busstation het juiste is en dus spenderen we redelijk wat tijd en geld om uiteindelijk bij het Abdali busstation te arriveren. Daar weten we onmiddellijk dat we aan het goede adres zijn als er een horde verkopers als vliegen op een pot honing op onze backpacks zien afkomen. We pikken er één uit die 'Petra' roept en er het meeste betrouwbaar uitziet (wat niet veel wil zeggen). Als Cindy op het dak van de bus kruipt om de backpacks te stockeren stijgt ze onmiddellijk in de achting en krijgt ze de titel 'supergirl' toegewezen.
Op de bus maken we kennis met Achmed, een Bedouine gids van Petra. Een half uur later zijn we al uitgenodigd voor de nacht en wordt er ons aangeboden om samen in Petra te sluipen.
Na een tijdje neemt een touroperator, tot groot ongenoegen van Achmed, de conversatie over en geeft ons zijn visie op het huidige Jordanie. Blijkt dat het grote verschil tussen Jordanie en Syrie verklaard kan worden door de houding van deze landen tegenover de US. Terwijl Syrie elk Amerikaans product weert, ontving Hussein en zijn zoon, koning Abdullah, de Verenigde Staten met open armen. In ruil voor het spelen van een bufferzone tussen Israel en de rest van de Arabische wereld wordt heel het wegenstelsel en alle graan gratis verstrekt, dit echter tot groot ongenoegen van de locale bevolking die dit zien als een verraad tegen de Palestijnse affaire. Dus alhoewel het er op het eerste zicht beter uitziet dan Syrie, zijn er onderhuids toch meer spanningen dan je zou vermoeden.
In Wadi Mussa aangekomen, rijden we eerst naar de tent van de familie. Vader Bedouine woont met zijn drie vrouwen (mijn god !!), 13 kinderen, geiten, kippen, ezel en poezen op een redelijke afstand hotsen en botsen in de woestijn. Na de obligate drie kopjes thee (twee is beledigend en vier is teken van gulzigheid) gaan we naar 'little Petra' (ook wel arme mans Petra genoemd omdat er geen inkom is). Onderweg komen we een oldtimer tegen die vraagt of we zijn kamelen niet gezien hebben op een manier alsof hij een paar kousen kwijt is. Hij is waarschijnlijk dat oud arabisch spreekwoord vergeten: 'vertrouw op Allah, maar bindt uw kameel vast'
'Little Petra' is prachtig, een kleine, wondermooie vallei met kamers uitgehouwen in de zandsteen rotsen. Dat belooft voor morgen!
It is no coincidence that in no known language does the phrase 'as pretty as an airport' exist.
- Douglas Adams
"Long, Dark Tea-Time of the Soul"
Na nog wat inkopen gedaan te hebben bereiden we een slaatje op Vlaamse wijze en doen de bar goed eer aan terwijl Achmed ons de sterrenbeelden aanduidt. Dan is het terug naar de tent waar ons bedje snel gespreid wordt en we op zoek kunnen gaan naar vallende sterren terwijl in de verte de wolven huilen.. En eindelijk vind ik de tijd om the garden of Eden uit te lezen. Ik denk niet dat er een andere schrijver is die de rusteloze ziel van de reiziger beter verstaat dan Hemingway. Zelfs al lig je hier in de complete duisternis te rillen in de woestijn, kan dit boek je toch zonder problemen wegvoeren naar de zonovergoten heuvels van Zuid Frankrijk.. Een goed stuk leesvoer.
Ik word wakker terwijl Chewbekka in mijn oor staat te brullen. Als ik echter opkijk zie ik dat het de ezel is die blijkbaar een paar woorden Wookiaans spreekt. Ook goeiemorgen.
Kleine Ramsey, de jongste telg van het gezin (< 1 jaar) krijgt net als wij thee als ontbijt. Met wat melkpoeder weliswaar.
Achmed moet die morgend zijn vader helpen. Een van zijn vrouwen is er 's nachts vandoor gegaan. Aan het gebrek van commotie te zien , zou het erger zijn als er een kameel was gaan lopen. You win some, you lose some. Voor ons blijft er dan niet veel over dan alleen te gaan wandelen in de bergen.
fuck... Thee op elk moment van de dag werkt redelijk laxerend, echt iets wat ge kunt missen als de pest in het midden van de woestijn.
Uiteindelijk komen we terug in 'Little Petra' waar we worden belaagd door de verkopers. Als ze horen dat we Belgen zijn worden we onmiddellijk geassocieerd met 'allemachtig prachtig' en 'Kijken, niet kopen'... Bijna juist.
Terug aan de tent wachten we nog een uur na het afgesproken tijdstip en hebben onze buik vol (letterlijk met thee, figuurlijk met het feit dat we in het midden van de woestijn geen controle hebben over de situatie en dat Achmed de gids toch niet al te erg naar ons omkijkt.). We nemen afscheid van de vriendelijke familie en zoeken onze weg terug naar de stad en een goedkoop hotel. Als we later terugdenken aan onze ontmoeting met Achmed werd ons duidelijk dat het allemaal toch geen koek en ei was. Onder het dunne laagje vriendelijkheid zit apathie, twee kinderen en een scheiding voor zijn drieentwintig en een grote voorliefde voor sterke drank. Net als de Amerikaanse indianen heeft de nieuwe bedouine generatie de kans van een sneeuwman in de hel om hun traditionele manier van leven te bewaren in deze snel vereuropeesde samenleving en evolueren ze snel naar een soort zigeuners van het Midden Oosten.
In ruil voor een gratis diner steken we snel een website in elkaar voor het Moses Spring hotel.
Ik weet het, ik weet het, voor de eigen reiswebsite hebben we geen tijd, maar voor een vreemde zijn website wel. Wat kan ik zeggen. Als ge al maanden eet met een maximum budget van 10 euro per dag, doet ge alles voor een grote schaal Maglouba. In retrospectief was hij zeker die twee uurtjes prullen waard, daar we nog gratis geslapen hebben ook. En daarbij, Cindy kreeg dan ook nog eens de kans om zich te verkleden. Ze hadden immers een schone Bedouine nodig om achter de receptie te poseren. Sympathiek van die mannen om met Cindy genoegen te nemen toen die schone niet gevonden werd (graptje)
Met de studentenkaart kunnen we voor een vierde van de prijs die in de reisgids staat binnen op de site.. een detail dat Achmed handig achterwege had gelaten.. Het fantastische Petra dat op een door-de-weekse dag drieduizend bezoekers trok, ziet er nu slechts een tweehonderd. Men had blijkbaar besloten dat dit aan de te hoge inkomprijs moest liggen (wat natuurlijk bullshit is.. Indien ge helemaal tot aan de inkom komt, gaat ge niet zeggen.. 'kom cheri.. dat is hier te duur, we vliegen terug naar Nederoverheembeek' (met mijn excuses aan de mensen van Nederoverheembeek)) en deze daarom een beetje naar beneden trokken. Hier zijn wij dan zeker niet rouwig om.
Voor je bij de treasury komt moet je door de 1.2 kilometer lange canyon, de 'Siq' genoemd. Dit deel van Petra is perfect verfilmd in Indiana Jones ]I[, The last Crusade, maar kan niet tippen aan het ongeloofelijke kleine gevoel dat je krijgt als je effectief tussen de twee 60 meter hoge wanden richting treasury loopt. Het grappige aan Petra is het feit dat men geen ballen over de site weet.. De Nabateers maakten van de site een grote handelsstad in 300 voor Christus. Zo controleerden ze de handel tussen Damascus en de rest van Arabia voor een koppel eeuwen tot een paar goei aardschokken ze deed beseffen dat leven tussen hoge bergen, die elk moment naar beneden konden komen, misschien toch niet zo een goed idee was. Deze mannen hadden echter met al dat handel drijven geen tijd gehad om een schrift te ontwikkelen en dus kent men nu de betekenis van de meeste gebouwen niet. De treasury bijvoorbeeld heeft zijn naam te danken aan het feit dat een paar zatte bedouines een koppel eeuwen terug wat stukken van de pot op de top van het gebouw geschoten hebben met het gedacht dat er misschien geld in zat.
Iedereen die naar Petra komt moet de 'monastery' bezocht hebben.. enige probleem is dat dit 450 trappen omhoog ligt. Ingenieus als altijd hebben de Jordaniers voor vervoer naar de top gezorgd en kan je met ezeltjes de klim maken. Cindy kan het niet aanzien en op het heetst van de dag begint ze een campagne om de 'porsches van Petra' een betere bestaanszekerheid te geven. Met vrij beperkt succes moet ik wel zeggen.
We ontmoeten nog een deel van een 'koning Aap' groep (in het restaurant natuurlijk) die hun beklag doen over het feit dat een pintje hier 300 ballen kost.. Daar wij de overschot van hun lunchpakket krijgen, bieden we graag een luisterend oor aan.. Joeri, de enige Belg in het gezelschap (ocharme, die jongen) is vandaag jarig en dus worden we uitgenodigd op het verjaardagsfeestje dat 's avonds zal plaats hebben in hun hotel.. er zal drank zijn en dat is alles wat we als aansporing nodig hebben om te beloven dat we afkomen..
'Koning Aap' lijkt ons een redelijke rip-off. De groep wordt begeleid door een reisleider, maar neemt voor de rest ongeveer dezelfde klasse hotels als wij en meestal gebruiken zij ook openbaar vervoer.. Het eten moet nog zelf betaald worden, maar het prijskaartje voor zulks een 'adventure holiday' ligt ongeveer drie keer hoger als ons budget. Dit is een voorbeeld hoe de mis-informatie die over deze streken verspreid wordt ervoor kan zorgen dat organisaties zonder al teveel scrupules er geld uit kunnen kloppen. En dat terwijl het hier 100% veilig en comfortabel reizen is. Een reden te meer om volgend jaar naar de reismarkt in Brugge te gaan en de informatie uit eerste hand te gaan halen en toch wat meer sceptisch te staan tegenover wat dat beeldenkastje voorschotelt
Als het iets na de middag wat afkoelt beginnen we aan de klim naar de 'monastery' in het gezelschap van Henk.. De rest van de groep prefereert de shaduw van het terras boven het hoogtepunt van de site.. De wandeling is volgens de ezelverhuurders een slopende bezigheid van meer dan een uur, wij verschieten dan ook als we na een half uur een hoek omgaan en de 'monestary' zien staan. Dit majesteuze gebouw (en misschien ook een beetje de trappen) zorgt ervoor dat we met open mond staan.
Een prachtig zicht over de hele vallei wordt beloofd aan diegenen die tot de high place of sacrifice geraken. Nu zou je denken dat iemand die wat engels kan en ongeloofelijk veel hoogtevrees kent de link zou leggen en de plaats zou mijden zoals een porseleinwinkel een olifant zou mijden, maar nee.. het is dan ook met een groot ei in mijn broek als we na twee uur klauteren op deze hoge plaats aankomen.. eens over de rand piepen is voor mij voldoende.. we kunnen terug naar beneden.. Cindy en Joan (een Kiwi die we onderweg hebben opgepikt.. er stond immers aangeraden met een gids of tenminste een copain de tocht naar boven te maken) kunnen er echter niet genoeg krijgen van het uitzicht over de koningsvallei, en dus zit ik ook vast op dat stukje rots waar een bedouinemadam dan nog wat vals komt spelen op één of ander soort fluit.. ik laat me echter niet onbetuigd en begin mee te spelen op mondharmonica.. dat werkt.. nu is ze rap weg..
Als we terug beneden zijn loopt het al tegen zes uur en beginnen ze de boel te sluiten.. de kamelenverhuurders proberen ons nog een laatste maal een trip aan te lappen, maar alhoewel we allebei blaren hebben gaan we niet op het aanbod in en gebruiken het uitgespaarde geld om een duur ijsje te kopen aan de Mövenpick... een veel betere investering!!
Terwijl wij Petra verkenden hebben die van het hotel nog eens goed nagedacht over de website en moet ik nog een uurtje eraan werken.. als ze dan een feestmaal op tafel zetten vind ik het al helemaal niet meer zo erg.. We zitten zo vol dat we niet meer op het feestje van de Joeri geraken... Gelukkige verjaardag vanaf hier dan maar... volgende keer zijn we erbij... beloofd.
Om zes uur zitten we al op de bus richting Wadi Rum en tot onze verrassing zijn de reizigers van Koning Aap er ook.. alhoewel ze er iets minder uitgeslapen uitzien dan wij..
Als we van de bus stappen in Rum worden we direct belaagd door een tiental Bedouinen die ons allemaal graag in hun jeep laden voor de tour en overnachting. Onder het motto, samen zijn we sterk, vormen we een team met Christian (Parisien) en Dirk en Machteld (Belgen) en kiezen we er een Bedouine uit die precies zijn mannetje kan staan en zijn prijs een beetje wil laten zakken..
De tour is een redelijk standaard pakket, allemaal in de geest van Lawrence of Arabia. Eerst bezoeken we Laurence Well, een lelijke kubusvormige betonblok dat enkel door geiten wordt geapprecieerd,niet voor zijn uitzicht, maar omdat er water uitkomt.. het zicht op de bergen en de woestijn geven ons echter het gevoel dat we er goed aan hebben gedaan om Wadi Rum niet over te slaan.. Dan is het naar de duinen, joekels van rode zandhopen waar ge plezant kunt zandsurfen. De volgende stop zijn de 'eeuwenoude' inscripties, waarvan ik redelijk zeker ben dat het door een paar zatte Bedouines (als kenner schat ik 1.2 promille) zijn aangebracht. De volgende 'fake' is het huis van Lawrence. Als we dan toekomen bij de kleine rock bridge merken we tot onze verbazing dat deze ook artificieel is en bestaat uit gecamoufleerde betonplaten. De kick die ge krijgt als ge naar boven klautert is echter verre van artificieel.. allez, dat heeft mijn choeke mij toch verzekerd (Iemand moest zich toch opofferen om beneden te blijven en de foto's te nemen zeker). Na een goede picknick die bestaat uit foodstuffs die iedereen nog bij heeft van de afgelopen dagen rijden we naar een knoert van een canyon. Ver kunt ge niet wandelen, dus amuseren we ons maar met wat inkervingen te maken, ik denk dat over een paar jaar hier ook 'ineens' inscripties zullen ontdekt worden.. wij kennen echter de ware toedracht.. maar mondje toe he...
Als we in het kamp aankomen ontmoeten we Allesandro, een sympathieke Italiaan die de tour gisteren al had gedaan maar nog een dagje wou genieten van de rust en stilte van de woestijn. Een ganse dag alleen in deze verlatenheid is zelfs voor deze Italiaan (die nochtans berucht zijn voor hun relaxeren) teveel en hij is dan ook blij ons te zien, vertrouwt hij mij toe..
Allesandro ontplooit zich als een echte woestijngids en brengt ons naar een nabijgelegen (humhum) bron. Als we dan terug zijn in het kamp begint het al wat te schemeren, dus trekken we de bar open en installeren ons op de top van een rots voor het hoogtepunt van Wadi Rum. Terwijl de zon langzaam achter de bergen verdwijnt, brengen de schaduwen de woestijn tot leven en de laatste lichtstralen een landschap tevoorschijn die geen schilder ooit op canvas of een camera op film kan (hoewel we als zot proberen) brengen
Dan is het tijd om te koken, sympathiek als wij mannen zijn, bieden we de gidsen onmiddellijk aan dat ze de meisjes mogen gebruiken in de keuken. Wat ze er ook gedaan hebben, veel kan het niet zijn, want een uur later hebben we nog geen eten. Later blijkt dat de vrouwen alle voorgerechten in hun kas hebben geslagen. Nu dat bleek dat dit kippemaagjes waren vond ik het niet zo erg.. Cindy echter is zot van die dingen.. Ge zult maar de kleindochter zijn van een poelier zeker?
Tijdens het diner leren we de broer van de gids het vlaamse woord voor sigaret.. een stinkstok.. Als ik mij dan laat verleiden voor een theologische discussie en de fanatieke pipo mijn engels een paar keer misverstaat en denkt dat ik hem aan het uitlachen ben, daalt de sfeer onder nul. Dit wordt er niet beter op als hij zijn nieuw vlaams woord trots demonstreert en uitgelachen wordt door de groep.. We gaan dus maar snel slapen..
Honden zijn de hanen van de woestijn en rond zes uur zetten ze ons ook uit ons bed. Terwijl de gidsen wanhopig hun vehikels proberen te starten, ontbijten wij op brood met fluoriserende konfituur en thee natuurlijk
Als één van de wagens eindelijk wil starten moeten we ons haasten om de bus naar Aqaba te halen en het is een opluchting dat de verloren gelopen Japanner, die we de dag ervoor aan de bron hadden ontmoet, zijn kamp blijkbaar had teruggevonden daar hij met ons op de bus stapt
Een hotel vinden dat aan onze lage normen voldoet is hier een probleem.. In hotel Jerusalem is de geur om dood te vallen en in het Red Sea hotel worden we ver onthoofd door een losgeslagen ventilator.. Hotel Petra biedt redding met een onderhandelbare prijs (die we niet mogen verder vertellen!!) en een prachtig uitzicht op de baai. Hier zak ik in mekaar (het is een feit dat ge niet goed slaapt als ge een tent deelt met een Moslim die ge juist de impressie hebt gegeven dat ge de Anti-Mohammed zijt..) en terwijl ik een dutje doe op het terras gaat Cindy shoppen want ze heeft weeral honger.. Als we eindelijk in de kamer mogen, leggen we ons even neer.. en ja hoor.. we worden pas wakker als Christian op de deur staat te bonken met de boodschap dat hij honger heeft... en of we wakker zijn om mee iets te gaan eten.. Nadat we Allesandro van zijn was gehaald hebben (die jongen heeft de zwaarste valies van ons allemaal en nog is hij elke dag zijn kleren aan het wassen) zoeken we het Syrian Palace restaurant op en ondervinden dan de ene Kofta de andere toch niet is. Op de terugweg vinden we de tax-free winkel en nadat iedereen zijn keuze heeft gemaakt trekken we ons terug op het terras van het hotel om te genieten van een paar koude biertjes. 's Morgens wachten we Dirk en Machteld op die nog een dagje in de woestijn waren gebleven om een kamelentocht te maken.. De gevoelens over de belevenis waren gemengd.
Tegen de middag groeit de groep aan met Christian en een Pools koppel die ook overland richting Egypte gaan en voor de lunch is het besluit unaniem: we willen Pizza Hut!
Als ons buikje goed vol steekt gaat ieder zijn weg. Wij gaan ongeveer alle vrachtvaarders, verzekeringsmaatschappijen en andere maritieme instancies af in de hoop een lift te vinden richting Jemen. Het wordt al snel duidelijk dat we ook deze optie zullen moeten laten varen. Een gemiddelde vrachttocht duurt een week of drie, er zijn er geen gepland voor de komende twee maand en we zouden moeten ingeschreven worden als cargo daar niemand verzekerd is voor passagiers. Het is dan ook met een zwaar gevoel dat we het opgeven en 13 zakken betalen om met de vlieger in Jemen te geraken..
Terug op het hotel zijn we juist op tijd om Allesandro en Christian uit te wuiven die terug richting Amman vertrekken, dan kruipen we maar snel in ons bedje zonder eten.. al dat geld uitgeven ligt al zwaar genoeg op de maag.. Wat begon als een leuke snorkeltrip, maar het wordt een rampendag. Onze gids heeft meer interesse voor de vrouwen dan voor zijn job. Het scheelt maar een haar of Dirk verzuipt, terwijl de begeleider misbruik aan het maken is van mijn vrouwtje. Als ik mijn voet dan nog eens openhaal aan het koraal hebben we er allemaal genoeg van en zeggen hem dat we terug willen. Bij het uitstappen doet Machteld nog een duikeling, wat haar later op de avond een gips zal opleveren.. Echt geluk hebben we niet gehad die dag. Aan deze zijde van de rode zee is het snorkelen ook niet zo goed als in Hurgadha of Sharm el-sheikh. Het meeste koraal is hier zwaar beschadigd door de boten die er liever overvaren dan errond.. Als ik merk dat de gids zijn motor elke keer in de boot heft als hij bijna het koraal raakt denk ik eerst dat er toch wat ecologisch gevoel is, later legt hij uit dat het koraal de motor kan kapot maken.. Nadat we de zakken hebben opgehaald gaan we nog iets drinken en nemen we afscheid van broer en zus. Het is een kot in de nacht als we eindelijk het Farah hotel terugvinden en we zijn zo moe dat we genoegen nemen met een matras op het dak.

Maandag 23 september '02
Dinsdag 24 september '02
Israel
    


Eenmaal terug in Farah hotel zijn we blij verrast als we Christian en Allesandro er aantreffen. We introduceren ze direct in Cairo restaurant en er wordt goed geboeft door iedereen.. Dan sluiten we nog de locale Nargila bar (geen sinecure zonder alcohol beschikbaarheid) en kruipen snel in ons bedje, het was een vermoeiende dag.
Je zou denken dat wat copies nemen, CDeetje branden en een paar brieven posten in de hoofdstad van Jordanie toch geen al te zware opdracht kan zijn.. Fout!! We moeten onze geplande trip naar Jerash laten varen om deze schijnbaar simpele taken gedaan te krijgen en hebben dan ook amper tijd om afscheid te nemen van Allesandro en Christian voor we de bus naar het vliegveld moeten nemen. Dit allemaal dankzij die 'sympathieke' Jordaniers die u maar al te graag bij uw pietje hebben als ze merken dat ge gehaast zijt. Vandaag verdienen ze dan ook de titel: 'Italianen van het Midden Oosten'.
I am hung like planet Pluto, hard to see with the naked eye.
- Bloodhound Gang
"Fire Water Burn"
Al met al een kl***dag.. mijn humeur verbetert pas als ik de duty free fles al op voorhand mag kraken van mijn choeke (in het WC natuurlijk)
Op het vliegtuig lees ik nog de laatste hoofdstukken van het tweede boek uit de hitchhikers guide to the galaxy : The restaurant at the end of the universe en moet wordt ik raar bekeken door onze medepassagiers als ik voor de zoveelste keer in lachen uitbarst.. Douglas Adams (God hebbe zijn ziel) had zo een heel Monty Python seizoen uit zijn mouw kunnen schudden..